58 – Bedgeheimen

Dit worden intieme ontboezemingen. Sinds we in dit kleine hutje wonen slapen we heel close op één meter zestig. Voor veel mensen geen enkel probleem en voor nog veel meer mensen iets waar ze alleen maar van kunnen dromen. Dus ik wil niet al te verwend klinken. Echter gezien het feit dat we nogal grote mensen zijn, ieder op onze eigen manier, is die 1.60 gauw gevuld. Daarnaast ben ik niet alleen overdag nogal beweeglijk, ook ’s nachts blijf ik gewoon sporten. Draai naar links draai naar rechts. Been opzij, arm opzij. En weer terug. En ging het nog zachtjes en met beleid dan was het nog daar aan toe maar het gaat met een geweld waar de honden geen brood van lusten. Kennelijk heb ik in mijn slaap nogal wat te verhapstukken. Theo blijft niet helemaal in de luwte. Als hij draait veer ik op. Kortom we doen geen oog dicht op ons nieuwe bed. Nou dachten we eerst nog dat we er maar aan moesten wennen. Ook ’s nachts met elkaar leven. Elkaar tot op het bot accepteren maar helaas zo ver gaat de liefde niet bij ons. Voor ons geen lepeltje lepeltje. Het is niet anders. En alzo besluiten we om een nieuw bed te gaan kopen. Breder en met elk een eigen matras. Hup naar Ikea. Met een gehuurd busje van de intermarché. Want we zijn vast van plan om met een bed en alle toebehoren terug te komen. Helaas. Een bed is snel uitgezocht. En ook de lattenbodems en de matrassen maar helaas is er niks op voorraad en moet alles besteld worden. Of we het geleverd willen krijgen? Nou vooruit doe maar. En zo tijgen we met een lege bus maar met de belofte van een nieuw bed terug naar huis. Nu is het natuurlijk zo dat je uit de ikea nooit weggaat zonder nog meer spullen te kopen dan je wilde. Eenmaal thuis observeren we de slaapkamer nog eens. Aan weerszijden hebben we (ook ikea)hele oude stellages staan waar al onze kleding en andere zooi in ligt. Ondanks verwoede pogingen om dat terug te dringen, puilt het toch aan alle kanten uit. Alles wordt langzaam stoffig en komt onder de haren. Bovendien ziet het er altijd vol en rommelig uit. Om te beginnen in de hut was het een prima oplossing maar ik ben er wel een beetje klaar mee. Bovendien moeten we ruimte maken om dat bed nog te kunnen plaatsen. En zo geschiedde dat we opnieuw naar Ikea tuften, dit keer met de gewone auto, om kasten uit te zoeken. Meestal slaan we elkaar na tien minuten in de drukte de kop in of besluiten we heel eensgezind om meteen weer te vertrekken. Maar dit keer lijken we wel een model koppel. We bekijken allerlei mogelijkheden. En nog een keer en nog een keer. Denken buiten de box. En als we nou eens dit of dat …? Vastbesloten om met iets deugdelijks terug te komen. Het lukt. Zonder ruzie en zonder geharrewar, zonder volledig afgeknoedeld te zijn komen we thuis met een mooie kast en 4 keukenkastjes. Voor in de slaapkamer. Dan duurt het nog een weekje voor het bed arriveert. Ik ga er vandoor. Ikea is leuk maar dingen in elkaar zetten, daar loopt menig huwlijk op stuk en dat zou jammer zijn. Nu kan ik weer gewoon sporten in bed en we kunnen ons omdraaien zonder dat de ander het merkt. En als we willen gaan we bij elkaar op bezoek. Heerlijk.

.

Ondertussen wonen we nu alweer een jaar in de hut. Het is niet te geloven hoe snel de tijd gaat. Bla bla wat een gezeik is dat toch altijd maar helaas is het waar. We doen niet veel om het te vieren. Je kan wel aan de gang blijven. Over aan de gang blijven  gesproken. Ik wilde er eigenlijk geen woorden aan vuil maken maar een cyste op mijn schouder zet mijn wereld even op zijn kop. Ik ben nogal gevoelig vrees ik maar vooral niks gewend. Dus alles wat er fout gaat in of aan mijn lichaam blaas ik op tot dramatische proporties. Waar een ander stoicijns de meest vreselijke dingen ondergaat lig ik al wakker van een ontstoken cyste. Potverdomme. 15 december heb ik een afspraak om dat ding weg te laten halen, gaat ie nu ontsteken. En waarom eigenlijk? Kan dat ding zich niet even koest houden tot de chirurg hem of haar er uit peutert? En wat moet ik doen? Naar de huisarts. Na een uur wachten krijg ik een preek en antibioticum voorgeschreven. Die preek ging nog over andere dingen die ik zou moeten laten doen omdat die zo goed voor me zijn en waar ik nog geen zin in heb. Uiteraard was het geen preek maar ik ben volledig beheerst door een pukkel op mijn schouder, het jeukt, het trekt, het is rood en wordt dikker en dikker. Ik zie mezelf al sterven door bloedvergiftiging. Of erger: dat het nooit meer weggaat. Ik heb geen zin in andere dingen. Hoewel ik niet happig ben op medicijnen kan ik niet wachten om de eerste antibioticum pillen er in te gooien. Wel met veel pijn en moeite want ik kan lichaams vreemde dingen niet makkelijk doorslikken. Nog meer drama. Na drie dagen barst het ding onder de douche open. Zet je eten of je koffie maar even aan de kant want dat is niet fris. Nu het ding toch gebarsten is ga ik maar flink drukken. Straaltjes pus en bloed druipen over mijn natte lichaam. Nu ben ik niet bang meer. Er uit met die zooi! Het is al met al heel bevredigend. Net als een puistje uit knijpen maar dan iets erger. Soms voel ik tijdens een massage ook wel eens verstopte mee-eters bij mensen. Mijn handen jeuken dan om die niet leeg te krabben. Soms doe ik het ook als ze door het wrijven al bijna loslaten. Inmiddels is de cyste weer schoon en droog en zelfs verder geslonken. Zometeen bestaat hij niet meer en hoeft er ook niet meer in gesneden te worden. Even afwachten. Wat een drama.

.

Het volgende drama diende zich ook al meteen aan. Nadat we thuis kwamen van wat boodschappen halen, stond er ineens een jachthond voor de deur. En die was niet van plan om er vandoor te gaan. Kennelijk was hij al even met Boy bevriend geraakt in de korte tijd dat wij er niet waren. Broodje mager natuurlijk en wat doe je dan? Ik krijg er wel een beetje een punthoofd van om steeds maar honden te moeten huisvesten of terug naar de baas te brengen. We hebben al nauwelijks plek voor onze eigen honden en katten, laat staan voor vreemdelingen. Al die immigranten die maar gehuisvest willen worden… het loopt de spuigaten uit! Eigen volk eerst. Maar vergeleken met mijn wel doorvoede zeer verwende huisgenoten ziet deze sloeber er vreselijk uit. Wat niet meewerkt is dat hij heel lief en aaibaar blijkt. Ook met Dartan’s verdedigings taktieken gaat hij soepeltjes om. Hij laat zich niet uitdagen en ook niet wegjagen. Het is een model hond maar toch een jacht hond duidelijk een ander ras met andere behoeften dat we er echt niet bij kunnen hebben. Bovendien het beestje heeft natuurlijk gewoon een eigenaar. We vinden een telefoonnummer op zijn halsband maar dat blijkt niet te werken. Dit nummer is niet aangesloten zegt een mevrouw keer op keer op keer. Met verschillende telefoons en op verschillende tijdstippen. In de tussentijd moet Dartan zijn slaapkamer mand opofferen. Die leggen we in het elektriciteit hokje. Het gebraden kippetje waarmee we van de markt kwamen wordt afgepluisd en samen met een bak brokken en een ei aan de vreemdeling over gedaan. So far de eigen volk eerst gedachte. We hebben zelf genoeg en kunnen best delen. Maar de zoektocht naar de baas zet ik onverdroten voort. Ik spreek jagers aan op straat. Rijd naar jagers en vraag ze een foto op face book te zetten. Niemand kent het beestje maar iedereen raadt me aan naar de dierenarts te gaan om op een chip te controleren en anders schijnt de burgemeester zich er over te moeten ontfermen. In het weekend doe je dan niet veel. Waarom het me zo aangrijpt weet ik achteraf gezien niet meer goed. Ik weet me gewoon echt niet goed raad met de situatie en ik kan het beestje in de tussentijd niet goed verzorgen. Bovendien verwacht ik toch elk moment nog een gevecht waardoor ik me wat beperkt voel. En daar bovenop krijg ik het gevoel dat Gilbert niet blij is met die hond op het terrein. Een jachthond zou zomaar de kipjes kunnen oppeuzelen. En dat alles speelt zich ongefundeerd gewoon in mijn drama hoofd af want dat blijkt achteraf helemaal niet het geval te zijn. Daar komt nog eens bij dat ik mijn tijd wel anders had willen besteden en nu twee dagen lang heen en weer rijd en loop te bellen. Uiteindelijk blijkt de hond niet ver hier vandaan te komen. Bij een jager waar ik al twee keer tevergeefs langs was geweest. Een jager waar Dartan 5 jaar geleden regelmatig naartoe ontsnapte om naar een loopse teef te gaan. Die jager die toen Dartan een paar keer midden in de nacht heeft opgevangen. Sindsdien is Dartan trouwens gecastreerd dus die ongein gaan we niet meer beleven. Nu heb ik dus wat terug kunnen doen. Bijzonder dat dat zo werkt soms. Gilles komt helpen de hond weer terug te brengen want de baas is het weekend de hort op en Gilles weet precies waar het arme dier naartoe moet. Hij wordt gauw weer verenigd met zijn zusjes en andere troepgenoten. Hij bleek maar 9 maanden oud te zijn. Vandaar dat hij zo mager was waarschijnlijk. Hij groeit wellicht harder dan hij voer krijgt. Vanuit de ren kijkt hij me nog even dankbaar aan en ondanks dat ik blij ben van de verantwoordelijkheid af te zijn, wil ik hem zo weer meenemen, opdikken, een warm plekje geven.
.
Zo dat was weer een blog. Nu hoef ik niet meer op straat aangesproken te worden door buitenzinnige fans die de blog missen. Geduld, de volgende zit al in de pen.

3 antwoorden op “58 – Bedgeheimen”

  1. Hallo drama queen, je moet beslist een dieren assiel oprichten. De zorg voor dieren is je op het lijf geschreven.

  2. Toen wij trouwden, way down in the sixties, kochten we een opklapbed van twee bij eenveertig. Opklap wegens ruimtegebrek overdag en twee bij eenveertig vanwege, nou ja je weet wel. We zijn nu een aantal bedden verder. Maar ’t is nog steeds twee bij eenveertig. Ach gossie 💋

  3. het is weer een heel verhaal, wat op je lijf geschreven is.
    het gedraai in bed staat op op mijn lijf geschreven. vanwege mijn stijve spieren is omdraaien een heel project. eerst afzetten op het matras, dan omhoog veren en daar gebruik van maken, om een stuk te wentelen. Na drie maal herhalen lig ik op mijn andere zij. gelukkig hebben wij ook twee spiralen en matrassen.
    met huisdieren heb ik niet veel, maar over twee dagen krijgen we voor een paar uur een labradoedel puppy van de kleinkinderen te logeren. Ik weet nog niet, of ze haar behoefte gaat doen op het kleed of op het parket. we zien wel!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.