24 – Is het al voorjaar?

Klik op een van de foto’s om naar het album van deze week te gaan…
Sinds Equin, de hond van de buren, is overleden, doet Boy zijn uiterste best om in de smaak te vallen. Hij is al een week bezig met een charme offensief. En met succes. Tenminste, wat de mensendieren  betreft. Flora is nog niet overtuigd en kruipt gauw weg als Boy er aan komt. Ach je kunt het haar niet kwalijk nemen. Ze is geen andere honden gewend.
Deze week pakken we de “tuin” met kleine letters, aan. We verplaatsen de potten die kriskras in het hoge gras stonden naar de zijkant, naast de ezelweide. Ik voorzie dat we die potten nog wel een paar keer moeten verplaatsen. Het ligt namelijk in de lijn der bedoelingen dat Theo een afdak gaat bouwen. De voorbereidingen zijn in volle gang maar ik kan er nog niks zinnigs over zeggen. Die houd je dus nog te goed. Het groeizame weer zorgt er voor dat het gras de grond uit spuit. Niet alleen recht de bekken in van de ezels maar ook als de inluiding van een woestenij. Dat moet meteen de kop ingedrukt worden. Na het verzamelen van moed, zin en de grasmaaier gaan we aan de slag. Heel eerlijk gezegd ben ik nog maagd op grasmaai gebied. Zo zijn de taken bij ons nou eenmaal verdeeld. Heel ouderwets doe ik het huishouden en Theo de rest. Maar het is toch van de gekke dat ik niet eens een grasmaaier kan bedienen! Het ziet er altijd super simpel en relaxt uit en dus ga ik de aanval in over hobbels en kuilen. Over graspollen en door het opspattende grind. Het betere off the road grasmaaien. Ik probeer zoveel mogelijk tegen te werken. Dat ligt kennelijk in mijn aard besloten. Als ik gas geef, trek ik tegelijkertijd terug. Go with the flow is (nog) niet echt mijn forté, overgave niet mijn sterkste kant. Wordt aan gewerkt. Ondertussen geraakt het gras toch een kopje kleiner en als Theo het overneemt wordt het prachtig. In dezelfde moeite maai ik zijn hoofd ook weer in model en de plukjes op het hoofd van Roger snoei ik met gemak ook in. Zo heb ik dan toch mijn aandeel in het geheel weer geleverd.
Op een wandeling met de honden, zie ik ineens langs de bosrand iets blauws en raars liggen. Als ik dichterbij kom blijkt het een grote geëmailleerde stoofpan te zijn. Ik kijk om me heen om te zien of er ergens camera’s hangen maar het is liefelijk stil om me heen. Wat een absurde plek voor een pan! Ik kom voorzichtig dichterbij. Een klein beetje angstig. Zou er wat in zitten? Een gebraden kippetje? Of iets engs? Ik schuifel voorzichtig dichterbij. Ik hoor niks. Mijn fantasie draait overuren. Eindelijk durf ik de deksel op te tillen…. niks! Leeg! Gewoon een stoofpan aan de rand van het bos. Hoe logisch is dat!? Het ding weegt bijna 10 kilo. Ik besluit hem mee te nemen. Wat moet ik anders? Het is een prachtig ding. Thuis gekomen met twee lamme armen poets ik hem op. Ik vind hem mooi. Nu rijst de vraag: waar laat ik hem en wat doe ik ermee? We zien wel. Later hoor ik van de buren dat de bezitter van het stuk bos waar ik de pan vond, lichtelijk dement, er regelmatig een meubelstuk achter laat. Voor de eerlijke vinder.
De motor krijgt deze week een opknapbeurt. Ietsje meer dan wassen en watergolven. Het is een prijzige beurt zoals olie verversen, caburateurs schoonmaken en afstellen, diustributieriemen vervangen en zelfs een nieuwe voorruit, maar daarna rijdt hij weer als een zonnetje. En dat zullen we weten ook. Wat heerlijk de vrijheid te hebben om op te stappen en weg te rijden. Het doel is een boodschapje hier en daar maar we maken een flinke omweg. Omdat de ruit ook vervangen is en ietsje kleiner blijkt dan het origineel, waait mijn hoofd af en toe weg. Maar dat mag de pret niet drukken. Bovendien komen we lichtelijk verkleumd weer thuis maar het was toch fijn. We doen het zondag nog eens dunnetjes over en gaan dan ook op een favoriet plekje net in de bergen picknicken. Het lijkt net vakantie. Een vreemd, verwilderd mannetje loopt bij de picknick bankjes rond als een gerant. Hij wijst ons naar een voormalig bushokje welke gerestaureerd is en waar speciaal voor de picknick gelegenheid een tafeltje met een bankje en stoeltjes in staan. Hij schuift nog net de stoeltjes niet voor ons aan maar raakt niet uitgepraat over van alles en nog wat. Het lijkt er op dat we niet van hem af gaan komen. En dan is de motor natuurlijk ook nog een geliefd kletsonderwerp. Na drie keer bedanken, nee nu gaan we echt wat eten, druipt hij toch af. Oh nee toch niet. Als we water willen, dan is daar en daar een kraantje. We bedanken nog een heel vriendelijk en genieten dan met volle teugen van de zon, een broodje kaas en oploskoffie.

8 antwoorden op “24 – Is het al voorjaar?”

  1. vandaag doet jouw verhaal me nog meer dan anders terugdenken aan onze vakanties: het gras werd gemaaid, picknicken, bloempotten, … Jouw haren zijn al zalig mooi lang!
    waarom ook geen bloemetjes in de gevonden kookpot? 😉

  2. That blue casserole is what we English speakers call a ‘Dutch oven. Maybe a Dutch person was supposed to find it.

  3. Dat is nog eens een leuke vondst! Mooie pan hoor. Dat zie je toch niet vaak…overstekende pannen in t bos. 🙃En heerlijk die motor ritjes. Leuke foto van jullie in het picknick hokje. 😘

  4. Welcome to the mowing fraternity. Fortnightly when you get a good spring and summer season . Use dutch ovens for slow outdoor cooking, start a good wood or coal fire, let it burn down. Put your pot with meat veg (wine) herbs, in the embers. Heap coal and embers on the lid and leave it for a few hours. Cheap cuts of meat are great that way. fun fun

  5. Het is weer een leuk stukje voorjaar, dat je ons meegeeft. Als ik je foto’s bekijk, snap ik, dat de grasmaaier niet altijd doet, wat jij wilt. Het lijkt wel een tank op onherbergzaam terrein. Jouw doorzettingsvermogen kennende, zal ok de grasmaaier naar jou gaanluisteren en mag Theo er niet meer aankomen, want het strakke gazon is van jou.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *